Witgoud.com

9 of 14 karaat witgoud

Tussen deze twee gehaltes zit een prijsverschil dat in de winkel groot lijkt en in het dagelijks gebruik vooral op andere manieren terugkomt. Niet in hardheid — daarin winnen ze allebei iets — maar in kleurverloop, in reparatiemarge en in wat een handelaar er later voor geeft.

375 bevat 37,5 procent goud, 585 bevat 58,5 procent. Beide zijn stug genoeg voor dagelijks gebruik. Het verschil merk je als de rhodiumlaag doorsleet, als er gerepareerd moet worden en bij verkoop: per gram levert 585 ruim anderhalf keer zoveel op.

Vijf punten waarop ze uiteenlopen

Praktijkverschillen bij vergelijkbare sieraden. Beoordeeld over meerdere jaren dragen, niet bij aankoop.
Praktijkpunt375 (9 karaat)585 (14 karaat)
Kleur zodra de laag doorsleetSterk wisselend per fabrikantVoorspelbaarder, lichtgrijs
Aanslaggevoeligheid van de legeringHoger door meer koper en zilverLager, meer edelmetaal in de massa
Gedrag bij buigen en solderenBrosser, kleinere foutmargeRuimere marge voor de werkplaats
Beschikbaarheid van materiaalBeperkter in Nederlandse ateliersStandaard op voorraad
Goudinhoud per gram100156
Inkoop en inruilWordt soms apart gewogenStandaardtarief bij elke inkoper

Waar het prijsverschil verdampt

Op papier scheelt het gehalte bijna de helft. In de winkel merk je daar veel minder van, omdat het goud maar een deel van de prijs is. Het maken van een ring kost evenveel arbeid in 375 als in 585, het zetten van een steen ook, en de steen zelf helemaal. Bij een eenvoudige gladde ring zie je het verschil dus wel terug; bij een ring met een noemenswaardige steen valt het weg in het totaal.

Aan de andere kant van de levensduur komt het verschil juist scherper terug. Bij verkoop rekent een handelaar met gewicht maal gehalte, en dan staat de verhouding hard op papier. Hoe dat werkt, staat bij de prijs van 9 karaat per gram.

Het verschil dat je het eerst ziet

Beide gehaltes zijn gerhodineerd, dus nieuw zien ze er identiek uit. Het onderscheid begint zodra die laag aan de onderzijde doorsleet. Bij 585 komt daar een tamelijk voorspelbaar lichtgrijs onder tevoorschijn. Bij 375 hangt het volledig af van de receptuur: de ene ring wordt licht grijsgeel, de andere duidelijk roomkleurig. Dat maakt het lastig om twee 375-sieraden op termijn bij elkaar te laten passen. Zie geel geworden witgoud en wat de stempels betekenen.

Voor Brits en Iers werk ligt dit anders: daar is 375 een volwaardig, gekeurd gehalte met een lange traditie en meestal een officieel keurteken. De aarzeling erover is vooral een Nederlandse gewoonte.

Beslisregel

Meer profielen staan bij welk karaat kiezen. De gehaltes zelf staan bij 375 en 585; de hele reeks bij karaat en gehalte.

Veelgestelde vragen

Is 375 harder dan 585?

Vaak wel iets, door het hogere aandeel bijmetaal. Dat maakt het niet sterker: brosser materiaal scheurt eerder bij doorbuigen of bij een reparatie.

Ziet iemand het verschil aan mijn ring?

Bij een nieuwe ring niet, want je kijkt naar de rhodiumlaag. Na jaren dragen wordt het zichtbaar in de tint van de sleetplekken.

Kan een 375-ring in 585 worden omgezet?

Niet als bewerking. Wat kan, is het oude sieraad inleveren als materiaalwaarde en die verrekenen met een nieuw stuk in het hogere gehalte.

Waarom bieden Nederlandse juweliers zelden 375 aan?

Vooral uit gewoonte en assortimentskeuze: 585 is hier de verwachte standaard, en één gehalte op voorraad houden is eenvoudiger voor de werkplaats.

Laatst gecontroleerd: